Van Ockels en andere katten

Pet a cat contest

Soms doen de man en ik een wedstrijdje. Als we bijvoorbeeld naar de winkel gaan doen we: wie er de meeste katten het eerst ziet. En soms ook: wie er de meeste katten heeft geaaid (meestal zijn dat er dan evenveel). Je kan ook doen dat een kat die je ergens binnen spot één punt waard is, en een buiten twee – of andersom, als je denkt dat het moeilijker is om bij iedereen naar binnen te koekeloeren om te zien of er een kat is. Ook kun je alleen punten geven aan degene die een kat als eerst aait, of bonuspunten als de kat ook gaat spinnen. Verder kun je het moeilijker maken door alleen katten van een bepaalde kleur te mogen spotten of aaien, of vooraf te gokken op hoeveel katten van een kleur je gaat zien (en dan in discussie over “nee die was echt lichtbruin, daar krijg je geen oranje punt voor”).

Ik weet niet of meer mensen dat doen, maar ik kan het dus iedereen aanraden.

Ockels102014
Een foto van Ockels omdat het kan

Oh ja, ik had dus bedacht dat ik hier wel een wereldwijde Instagram-wedstrijd van kon maken – dat je op één dag foto’s moest uploaden met dat je zoveel mogelijk verschillende katten aait, en dat iedereen op aarde dat zou doen en heel gelukkig zou worden. En dat er dus universele regels gelden en dat iemand dan gekroond kan worden tot het grootste kattenvrouwtje van de planeet. Maar dan moet je wel rekening houden met het aantal katten dat iemand zelf heeft, en ook medewerkers van een asiel zouden anders beoordeeld moeten worden vind ik. Als iemand dit wil oppakken, ga je gang. Ik heb het vast uitgezocht: #petacatcontest geeft nu ‘no results found’.

Kattenpraatjes

Wat ik jammer vind: dat Ockels niet kan praten. Desondanks was het vanaf de verhuizing overduidelijk dat hij het buitenspelen miste. Urenlang zat hij voor de tuindeur naar buiten te koekeloeren, en staarde ons van achter het slaapkamerraam meewarig na als we met de fiets vertrokken. Toen hij vorige week eindelijk naar buiten mocht, was hij schattig nerveus maar vooral door het dolle. Binnen vijf minuten had hij de tuin verlaten en ging op avontuur, in een buurt die hij altijd van drie huizen verder had verkend. Na een uurtje kwam hij braaf terug toen we hem riepen, maar eenmaal binnen betekende dat gemauw terwijl hij aan de keukendeur hing ongetwijfeld “laat me toch weer gaa-haa-haan”. Dat snapte ik wel, maar mijn “voor het donker thuiskomen!” was aan dovemanskattenoren gericht. Pas zaterdagochtend om half acht hoorden we een zielig mauwtje en, omdat ik een kwartier eerder de deur had opengezet, een gedender op de trap. Diezelfde dag haalde ik een kattenluik, waar ik vervolgens een te klein gat voor heb gezaagd. Daar ga ik vanavond mee aan de slag, maar Ockels maakt het niet uit: hij kan nu alweer naar hartelust van binnen naar buiten en terug.

Spinnen, kopjes geven en mauwen snap ik heel behoorlijk. Maar ik zal er wel nooit achter komen of die gestreepte met die rare oortjes zijn vriend is, of hij bang is voor die dikke grijze, en waar hij altijd naartoe gaat als hij de halve nacht wegblijft.

2015-01-02 10.18.11
Dit was toen hij nog zielig was.

Kattenspook

Na twee weken trauma’s verwerken en angsten overwinnen loop Ockels inmiddels redelijk ontspannen door de woonkamer. Dat wil zeggen: zolang de vaatwasser dicht is, de keukenlades niet te ver open gaan en we geen verhuisdozen oppakken. Dat zijn immers bijzonder goede redenen om als de sodemieter weer de trap op te vluchten, naar de veilige ruimte onder het bed.

Gisteravond zaten we lekker op de bank en probeerden hem over te halen toch eens écht gezellig te doen en erbij te komen liggen. Het tegenovergestelde gebeurde: in vol oorlogsornaat sloop Ockels naar de tuindeur. Eerst dachten we dat hij zijn door zijn eigen weerspiegeling voor de gek werd gehouden. Toen vermoedden we even dat het een kattenspookje was – maar die bestaan niet. Het was een witte kat die zo brutaal was voor onze schuifdeur te gaan staan. Dikke staarten aan twee kanten van het glas, maar Ockels won de staar-wedstrijd en de ander ging rustig liggen.

Een heel avontuur. De vaatwasser is er niks bij, zou je denken.

IMG-20141107-WA0005
dit is een heel slechte foto want we gingen niet opstaan omdat ze dan vast allebei weg zouden rennen en het was juist zo spannend

Over

Met een glimmend groene sjerp om op een stoel staan en toegezongen worden is niet mijn allerlievelingste bezigheid op aarde, maar toch was het naast ongemakkelijk ook best leuk. In plaats van jarige voelde ik me de rest van de dag vooral verhuizer. Dat is nog beter.

De dozen waren al in het nieuwe huis voordat ook maar de helft van de verhuishulp was gearriveerd. Mensen liepen met kratten vol plantjes, die direct her en der werden neergezet. De stoelen vonden hun plek in een grote kring voor koffiedrinkers en taarteters. Ik was Pythagoras even vergeten toen ik beweerde dat het bed heus wel door het trapgat zou passen, maar met slechts minimale verfschade lukte het later alsnog. De kast die ik van ene Els heb overgenomen werd met hulp van zwager B (“je had ook gewoon een nieuwe kunnen kopen”) in elkaar gezet en is zelfs al voorzien van een rijtje jurkjes.

Ockels verhuizen is voor ons beiden een traumatische ervaring geweest. Na anderhalve dag woest en angstig in het reismandje hebben we het goedgemaakt: zondagnacht kwam hij ronkend naast mijn kussen liggen slapen. Misschien durft hij vandaag of morgen wel de trap af.

Iets meer dan een jaar na de eerste bezichtiging is het zover: we wonen er.

Hoewel het ongetwijfeld leuk is als je foto’s maakt van de verhuizing, ben ik dat in het geheel vergeten. Eén heb ik er – en die is bewogen. Dus hier een van vanmorgen, met mijn ontbijtje op tafel en het weerbericht op het journaal. Van het weekend leek het nog of er een verhuiswagen was ontploft. Later meer!

2014-10-28 06.48.00

Tijger

‘Tijgertje is terug als de meest populaire kattennaam’.
Dit persbericht wordt door mijn vrienden van Onze Taal gedeeld, en ik duik er wat dieper in. Dit megawetenschappelijk verantwoorde onderzoek wordt gedaan door de volstrekt onafhankelijke instelling ‘Proteq Dier & Zorg’ die het helaas niet nodig vindt te vermelden hoe ze bij de Populaire Namen Top Vijf zijn gekomen. Zijn dit de populaire namen onder mensen die hun huisdier bij Proteq Dier & Zorg hebben verzekerd, krijgen ze data van alle dierenartsen, of sturen ze een random sample van huisdierbezitters een verzoek mee te werken aan het onderzoek? Maar… is het niet wonderbaarlijk dat een naam zó snel kan stijgen of dalen in de Populaire Namen Top Vijf: Tijger(tje) stond bij de katten vorig jaar op 3, en nu op 1. Dat leidt tot vragen over de selectie van namen: gaat het hier om namen van nieuwe katten, of worden alle katten in het bestand meegerekend? En wat nu als een kat wordt geadopteerd, en in zijn nieuwe huis een nieuwe naam krijgt? Als het enkel om nieuwe katten zou gaan, zouden er toch inmiddels wel héél veel Tijgertjes moeten rondlopen. Ik ken er niet een (hoewel ik ook veel katten ken zonder dat ik weet hoe ze heten, maar dan nog) maar dat zegt natuurlijk niks – of in elk geval niet alles.

(bij nadere inspectie zie ik dit staan: “De uitkomsten van onze namenonderzoeken zijn gebaseerd op een analyse uit het bestand van circa 100.000 lopende polishouders. De nieuwkomers zijn elk jaar bepaald op basis van de nieuwe invoer in de afgelopen 12 maanden.” Nieuwe katten dus, die bij Proteq verzekerd zijn. Als je er dan van uitgaat dat de helft van die polissen voor katten is, en dat katten gemiddeld zo’n 15 jaar worden, zit je op iets meer dan drieduizend nieuwe katten per jaar. Hmm. Ik ben benieuwd naar de volledige lijst met alle namen en aantallen!)

Wat ik op de Proteq-site pas echt leuk dacht te vinden was de namenbedenker. Misschien naief, maar omdat er stond “Heeft u zelf nog geen naam kunnen bedenken voor uw nieuwe huisdier en heeft u meer inspiratie nodig dan het bovenstaande overzicht? Probeer dan ook eens onze namenbedenker!” dacht ik dus dat die een originele naam zou bedenken. Zoals bijvoorbeeld Ockels. Als ik doe alsof ik een nieuwe kat krijg, zegt ‘ie: “de meest populaire namen in jouw regio zijn Max, Tijger, Tommy, Mickey, Simba”. Maar dat wilde ik niet weten.

voor zover ik kan vinden is er maar één Ockels

In dezelfde categorie, maar dan een stuk beter gedocumenteerd: de Nederlandse Voornamenbank. Daar kun je van alle namen opzoeken hoeveel mensen (uitgesplitst naar mannen en vrouwen) er in totaal met die naam in Nederland rondlopen, en ook wordt een mooie staafgrafiek gepresenteerd waarin te zien is hoeveel babies er in elk kalenderjaar die naam gekregen hebben.
Ook kun je per gemeente of regio op populariteit zoeken. In 2013 zijn er maar liefst 121 jongensbaby ‘Daan’ genoemd. Als we dan landelijk naar de populariteit van Daan kijken, is te zien dat het populariteitshoogtepunt in 2002 lag, met maar liefst 1236 nieuwe Daantjes. Maar aangezien die naam pas sinds de jaren ’70 een beetje gangbaar is, is het totaal-aandeel Daan niet zo groot. Johannessen, daar komen we in om. En maar liefst 20% van de vrouwen heeft ‘Maria’ als eerste of volgnaam.

Er heten ook vijf mannen Tijger. Bij mensen haalt ‘ie de top 5 nog lang niet.

Ockels is de beste

Mijn kat heet Ockels. Eigenlijk is het onze kat, maar hier eigen ik hem mij toe. Toen geliefde en ik nog maar net bij elkander waren lagen we in mijn knusse twijfelaar te fantaseren over wat we later allemaal zouden willen en waar we het zeer snel over eens waren was: als we samenwonen willen we een kat. En hij heet dan Ockels (naar Wubbo, ja).
Inmiddels is het ‘later’ en woont hij al anderhalf jaar bij ons. En hij is de beste. Omdat ik bij Paperboats las dat Team Confetti op het briljante idee kwam alle kattenvrienden schaamteloos over hun kat te laten opscheppen gaat dit hele bericht over hoe leuk hij is.

Schattigste foto
Het is eigenlijk onmenselijk om hier maar één foto te mogen kiezen. Ik leuk de rest van dit verhaal op met andere foto’s.

ahwwww

Bijzondere eigenschappen
Ockels kan vanaf waar dan ook het geluid van het zakje kattensnoepjes herkennen. Ook is hij zeer goed in het jagen op mos en blaadjes en takjes (en helaas van het voorjaar ook op babyvogeltjes).
Maar vooral: eten. Dat kan hij als de allerbeste. Zijn talent om door te hebben wanneer ik bijna wakker word zal daarmee samenhangen. Hij tikt me dan met zijn pootje aan, meestal op mijn arm maar als die onbereikbaar is kiest hij voor mijn neus. Daarmee bedoelt hij vermoedelijk ‘kom als de sodemieter je bed uit om mij eten te geven’. En ik doe het nog ook. Met liefde.

knap hoor, allemaal zelf gevangen

Omschrijf het geluid dat hij maakt
Als hij ’s nachts thuiskomt hoor ik dat aan het geluid dat brokjes maken als ze uit een bakje op de grond worden gegooid voor hij ze opeet (is dat normaal gedrag?). Hij ronkt zo: prrrrrrkrrrrrrkrrrrrrrrrrprrrrrrrkrrrrr. En als je hem aait wanneer hij een beetje slaapt maakt hij een krauwwwwwwwwiehhmmjjjjj-achtig geluidje. Als hij eten wil doet hij meestal ‘mrwaahhhiiehh’. En kijkt hij er zielig bij.

lui monster

Koosnaam
Het leuke is dat de naam Ockels ook heel goed als bijvoeglijk naamwoord gebruikt kan worden, dus wij noemen hem ook vaak ‘Ockelse kattenvriend’ of ‘Ockelse mister’. Ook noemen we hem Ockelmans en ‘mister vreetkees’. En alles wat in ons opkomt. Op dit moment gebruikt mijn lief bijvoorbeeld graag ‘drakenmonster’ (zowel voor Ockels als voor mij trouwens).

Bekentenis
Okee. Is dit iets dat ik met de wereld zou moeten delen? Ik zing wel eens een liedje voor hem. Het gaat zo: Ockels ik vind je zo lie-hief / Ockels je bent ook mijn vrie-hiend / Ockels Ockels Ockels / Ockels Ockels Ockels / Ockels je bent zo-ho lieffffff!
Op dezelfde melodie kan ook ‘Ockels kom please toch op schoot’ of ‘Ockels kom nou toch eens thui-huis’ (ja, dat zing ik dus voor hem terwijl hij er niet is) (als ik ooit ga solliciteren: ik functioneer verder prima).

nog een keer: lui monster (op bed!)

Goede tip voor andere crazy cat ladies

Als je wilt dat je kat iets leert, moet zorgen dat je een slimme kat hebt. Ook is het handig om faciliteiten te hebben die het opvolgen van regels vergemakkelijken. Zo was ons plan dat Ockels niet op bed mocht. Maar wij hebben een slaapkamer zonder deur. En als je dan midden in de nacht wakker wordt met een ronkende kat naast je hoofd is het heel, heel moeilijk om boos te worden. Voor mij, in elk geval. Dus nu mag hij bijna alles. Slechte opvoeders zijn we. Maar goed dat ik geen baby heb.

Wat voor kat zou jij zijn?
Op basis van deze kattentest ben ik een Siamees. Maar echte wetenschappers doen aan triangulatie dus ik deed ook deze met slechts vijf zeer slechte vragen (3. Wat vindt jij van vogels en muisen?) en hier ben ik “Balou – Ze is een harige tuttige kat maar wel lief.”
Gelukkig stikt het van de wat-voor-kat-ben-jij-tests en kon ik ook nog een ‘purely unscientific test’ doen (waar ik gelukkig gegarandeerd niet door in een kat verander). Helaas kwam er na vijftien volstrekt irrelevante vragen niet eens een antwoord.
Kortom: geen idee. Maar het liefst zo een als Ockels. Want die is de beste.

maar hij is ook zo lief als hij slaapt

Leukste kattenwebsite
Hmm. De cats are liquids lijst kwam eens langs op Facebook. Daar moest ik om lachen.

Beste kattengif
(eigenlijk een filmpje maar iemand heeft er een gif van gemaakt dus het mag)

Tot slot
Ik heb het nu heel vaak over dat hij heel goed kan eten en dat doet hij ook heel graag, maar bovenal is hij dus heel lief en ook grappig. Behalve misschien als hij een levende vogel meeneemt naar onder het bed.
En ook nog even een lollige foto waarop hij echt een heel, heel lelijk monster is.

ha. ha. ha.