Van uit de keuken

Herfstrecept: spruitjes-pompoen-schotel

Naast het feit dat ik weer lekkere vesten over mijn jurkjes kan doen, gevoerde laarzen aan mag en het bos er prachtig uitziet, is de herfst ook zo fijn omdat er weer spruitjes zijn. Waar vriendinnetjes op hun verjaardag voor frietjes of pannenkoeken kozen (ik neem aan dat het wereldwijd gebruikelijk is dat je op je verjaardag mag bepalen wat er gegeten wordt? Hoe doen tweelingen dat eigenlijk??) maakte mama mij toen al gelukkig met een heel netje spruitjes voor mezelf. Dat er mensen moeite hebben met hun twee ons groente per dag vind ik nog altijd moeilijk voor te stellen.

Maar goed. Een herfstrecept dus. Want na spruitjes ontdekte ik later ook pompoen (en nog veel meer andere lekkere herfstgroente, maar in dit recept zitten spruitjes en pompoen – pastinaak kan er ook lekker bij, en knolselderij denk ik ook wel – ik dwaal af, alweer).

2014-11-15 18.27.48

Wat heb je nodig? (voor twee grote eters)

  • de helft van een kleine pompoen
  • ongeveer 500gr spruitjes
  • een paar aardappels (of pastinaken of knolselderij of een willekeurige combinatie)
  • drie of vier kleine blikjes tomatenpuree
  • om het extra lekker te maken: pittige tofu, cashewnootjes, kaas
  • kruiden: komijn, (gerookt) paprikapoeder, peper, zout

Wat moet je doen?

Maak de spruitjes schoon en schil de aardappels, snijd ze in blokjes en breng aan de kook. Gooi de spruitjes ze bij de aardappels als het water kookt. Kook eventjes, maar niet zo lang dat alles gaar is. Giet af.
Bak de tofu, doe de pompoen (in blokjes) erbij en doe daarna de tomatenpuree erbij. Spoel de blikjes om met water en giet dat ook in de pan. Breng op smaak met de kruiden. Laat even pruttelen en voeg de aardappel, spruitjes en een hand cashewnootjes toe. Roer goed door en schep dan alles in een ovenschaal. Geraspte kaas erover, kwartiertje in een lekker hete oven en dan op het laatst nog even de grill aan.

Supermakkelijk, superherfstig en vooral heel erg lekker.

2014-11-15 19.12.15
cashewnootjes moet je dus met een dikke laag kaas bedekken, maar ik geef mijn nog-onbekendheid met de nieuwe oven de schuld van die donkere stukjes.

Sticky Toffee Coffee Cake

Oohhh alleen de naam al! Het begint met sticky, wat niks anders kan inhouden dan lekker plakkerige zoetigheid. Toffee, hela, nóg meer zoete plakkerigheid – of misschien hoort het bij elkaar. Coffee spreekt voor zich, al is het eerder een subtiel ‘bittertje’ (zo zegt Robert Kranenborg het ook altijd) dan een nadrukkelijke koffiesmaak. En cake omdat het een taart is in het Engels. Voor het ‘krokantje’ (Robert, opnieuw) gooi ik er nog wat wal-, para- en pecannoten door, al blijven ze niet supercrispy, ze zijn wel erg lekker. Net als de rest van deze taart dus. En er gaan dadels in dus eigenlijk is het heel verantwoord want dadels zijn fruit.

2014-10-22 11.04.05

Wat heb je nodig?

Voor de taart

  • 250 ml water
  • 250 gram dadels
  • 125 gram boter (op kamertemperatuur)
  • 225 gram basterdsuiker
  • 4 eieren
  • 225 gram bloem
  • 2 zakjes oplos-espresso (van die campingkoffie)
  • 1 zakje bakpoeder
  • pecannoten, walnoten, paranoten – leef je uit

Voor de karamelsaus

  • 250 ml slagroom
  • 60 gram boter
  • 225 gram basterdsuiker
  • flink wat (zee)zout
  • heel veel geduld (laat het me svp weten als je een winkel vindt die dit verkoopt)

Wat moet je doen?

Hak de dadels in kleine stukjes en doe ze in een kom. Giet hier 250 ml kokend water overheen en laat het een tijdje staan – liefst minimaal een half uur, maar als je erg ongeduldig bent kun je ze ook even koken in plaats van weken, dat gaat sneller (dat geduld heb je later alsnog nodig trouwens).

Zet intussen de oven vast op 175 graden zodat ‘ie kan voorverwarmen. Mix de boter met de suiker tot een smeuïg goedje en voeg daarna (een voor een) de eieren toe. Doe dan de bloem erbij en een snuf zout – in recepten zeggen ze altijd dat je moet zeven en daarna niet meer moet mixen en dat heb ik geprobeerd maar ik weet niet of het nu echt een wereld van verschil maakt, dus kijk maar wat je handig vindt.

Doe nu het bakpoeder en de oploskoffie bij het dadelprutje. Als het goed is, is het een soort klonterige, kleverige smurrie. Roer even goed door, kieper dat dan allemaal bij de rest van het beslag en meng de hele bende goed door elkaar. Voeg nu ook de noten toe. Vet een springvorm in (dit mag ook eerder, maar ik kom daar altijd rond dit moment in het bakproces achter) en vul deze met het beslag. Zet in het midden van de oven en bak voor ongeveer een uur.

Nu heb je een half uur om de afwas te doen, en dan kun je beginnen met de karamelsaus. Doe alle ingrediënten in een pan (hoe dikker de bodem, hoe kleiner de kans op aanbranden) en breng aan de kook. Blijf Een Half Uur Lang regelmatig roeren – hier heb je dat geduld dus voor nodig. Je kunt intussen wel bijvoorbeeld een boek lezen, maar niet iets dat zo spannend is dat je er niet minimaal elke drie minuten aan denkt te roeren. De saus is klaar als hij lekker dik en stroperig is, en eigenlijk moet hij dan waarschijnlijk nog heel even omdat je wel klaar bent met dat geroer maar heus, hij wordt beter als je de tijd neemt.

Vergeet ook niet af en toe in de oven te koekeloeren en na ongeveer een uurtje te checken of de taart gaar is. De welbekende truc met de satéprikker werkt hier ook prima: komt ‘ie er droog uit, dan is de taart klaar. Zit ‘ie volgeplakt met nog nattig deeg, dan moet je echt nog even wachten.
Als de taart klaar is haal je ‘m uit de oven, laat even afkoelen en giet de karamelsaus eroverheen. Als je in een decoratieve bui bent kun je er ook nog een leuk nootjes-patroon op leggen. En als je nog wat geduld over hebt: hij is nóg lekkerder als je de karamelsaus genoeg tijd geeft om flink in de taart te trekken. Maar daarvoor heb je naast geduld ook heel veel zelfbeheersing nodig….

(Hoera! Dit was het laatste recept uit de oude oven in de oude keuken !)

Gebaseerd op het recept van Yvette van Boven in het Volkskrant Magazine van een tijdje geleden (ik heb het uitgescheurd en er staat geen datum op…).

Hummus

Wat heel lekker is: hummus. Op brood, maar ook op komkommer, paprika of wortel. Of op rijstewafels, crackers en misschien zelfs op beschuit. Maar dat laatste heb ik nog niet geprobeerd.

Die uit de winkel vind ik niet zo lekker, veel te zuur en met een structuur die ik nooit helemaal thuis kan brengen. Zelf maken is gelukkig heel makkelijk, en dan is het écht superlekker. En ook nog heel gezond, schijnt.

Wat heb je nodig? (voor mijn favoriete versie that is, want eigenlijk kan dus ongeveer alles erin)

  • Kikkererwten. Ongeveer drie handjes droge een nachtje weken, of een klein blikje.
  • Zongedroogde tomaatjes. Een stuk of vier, in stukjes.
  • Knoflook. Eén teentje, fijngeplet.hummus
  • Verse koriander. Een flinke hand.
  • Komijn, chilipeper, zout.

Wat moet je doen?

  • Doe alles in de staafmixer.
  • Zet ‘m aan.
  • Wacht tot het een enigszins egale smurrie is.
  • Klaar!

(na een nachtje in de koelkast is ‘ie nog lekkerder)

Koolrabi

Koolrabi is niet mijn vriend. Elke keer als we er een aantreffen in ons groentepakket verstop ik ‘m achterin de groentebak. Een week of drie later kan ik die beschimmelde klont dan met een mengeling van schuldgevoel en opluchting in de groenbak gooien. We hebben het heus geprobeerd. In de pastasaus. In verschillende salades. In een ovenschotel. Allemaal niet echt een succes.

Afgelopen vrijdag hadden we er weer een. En vond ik het tijd voor een nieuwe poging. Met sinaasappel, mango, banaan en aardbeien ging ‘ie de blender in. Zaterdagochtend gaf ik mijn lief een groot glas sap. “Wat zit hierin? Het smaakt een beetje… raar…” Na mijn bekentenis verklaarde hij me voor gek. En concludeerde: zoals met alles dat we tot nu toe hebben geprobeerd, zou het zonder koolrabi toch lekkerder zijn geweest.

jammer dat het nog zo veel is

Kwarkbroodjes

Supermakkelijk, superlekker: kwarkbroodjes (op basis van het recept uit het hardloperskookboek).

Wat heb je nodig?

Voor de basis

  • 250 gram kwark
  • 250 gram bloem
  • 2 eieren
  • 1 zakje vanillesuiker
  • 1 zakje bakpoeder
  • 2 lepels honing

Omdat het lekker is
Ik verdeelde het beslag/deeg (qua consistentie zit het ertussenin, het lijkt nog het meest op oliebollenbeslag denk ik zo) in twee delen met verschillende ‘extraatjes’.

De verantwoorde lading:

  • 25 gram sesamzaad
  • 50 gram gedroogde cranberries
  • 50 gram hazelnoten

De minder-verantwoorde lading:

  • 25 gram sesamzaad
  • 50 gram bosbessen
  • 50 gram (okee, misschien iets meer) witte chocolade

Wat moet je doen?

Roer alles door elkaar. Maak met twee lepels bergjes op een bakplaat (met dit recept maakte ik 16 stuks). Ongeveer 15-20 minuten op 200 graden in de oven.

Wat me ook lekker lijkt: met stukjes appel of banaan (dat staat ook in het originele recept), met meer verschillende soorten nootjes en pure chocola, met kokosrasp en stukjes ananas, of juist hartig: met zongedroogde tomaatjes en olijven, met geraspte pastinaak en rozemarijn…
Hier gaan we nog meer van maken!

Citroenkoek met meringue

Het recept voor de basis van deze citroenkoek heb ik van een collega van me gekregen, die het hier had gevonden. Met een paar kleine aanvullingen is het nog lekkerder.

Wat heb je nodig?

Voor de bodem

  • 115 gram roomboter
  • 50 gram suiker
  • 125 gram bloem
  • schil van een citroen
  • ongeveer twee eetlepels maanzaad

Voor de vulling

  • 2 eieren
  • 150 gram suiker
  • 15 gram bloem
  • sap van de citroen

Voor de meringuelaag

  • 1 eiwit
  • beetje (poeder)suiker

Wat moet je doen?
Maak het deeg voor de bodem door alle bodem-ingrediënten te kneden. Bekleed een kleine springvorm of taartvorm of wat dan ook met het deeg. Vandaag deed ik het recept dubbel en had ik genoeg voor een kleine taartvorm én een brownievorm van zo’n 15×15 cm.

Bak de bodem ongeveer 20 minuten op 180 graden.
Maak intussen de vulling door al die ingrediënten goed te klutsen.
Nu komt het lastigste: giet de vulling in de (gebakken) bodem. Ik haal de bodem meestal niet uit de oven maar trek de bakplaat een stuk naar voren en giet de vulling er dan in.
Bak de bodem-met-vulling nog eens ongeveer 20 minuten. De bovenkant moet droog zijn, maar vanbinnen is het nog wel zacht.

Nu is ‘ie op zich al heel lekker, maar met een meringuelaag wordt het nog leuker.
Terwijl de bodem-met-vulling in de oven staat klop je het eiwit met een beetje suiker stijf tot er mooie pieken blijven staan (je moet de kom ondersteboven boven je hoofd kunnen houden maar dat doe ik toch maar nooit). Smeer de meringue op de bovenkant. Je kan dat ook met een slagroomspuit doen en fancy patroontjes maken, maar gewoon met de spatel pieken kan ook.

Zet even kort onder de grill. Houd de boel goed in de gaten want voor je het weet brandt het aan.
Ik was net op tijd.

Hmmmmmmmmmmmm!

Spinazie-kikkererwten-geitenkaasburgers

Als er iets is waar mijn geliefde blij van wordt, dan is het wel van een broodje hamburger. Hoewel hij met regelmaat vlees blijft eten staat hij ook open voor mijn vegetarische varianten. Over deze spinazie-kikkererwten-geitenkaasburgers was hij zeer te spreken.

Wat heb je nodig? (voor zes kleintjes of vier grotere)

  • verse spinazie, ongeveer 500 gram (uit de diepvries kan denk ik ook wel, neem dan grof gehakte)
  • kikkererwten, 2-3 handjes geweekte droge (dag van tevoren doen) of een blikje
  • zongedroogde tomaatjes (op olie, een stuk of 8)
  • een stukje zachte geitenkaas (100 gr)
  • havermout
  • teentje knoflook
  • peper, zout, komijn
  • olie om in te bakken

extra: staafmixer

spkkburger
(een telefoon met een betere camera zou leuk zijn…)

Wat moet je doen?

  • roerbak spinazie in olie met een gesnipperd teentje knoflook, laat goed uitlekken
  • staafmix kikkererwten en zongedroogde tomaatjes tot een smeuïge puree (fijnsnijden en prakken kan ook)
  • hak spinazie grof en meng met de kikkererwten-tomatenpuree
  • voeg havermout toe om er een stevig-plakkerig deeg van te maken (de hoeveelheid hangt onder andere af van hoe goed je de spinazie hebt laten uitlekken…)
  • brokkel de geitenkaas erdoor
  • breng op smaak met peper, zout en komijn
  • maak burgers en bak ze in een beetje olie
spkkburger2
in het echt zag het er heel smakelijk uit

Lekker op een broodje, met bijvoorbeeld gegrilde aubergine, of als vleesvervanger.

(Mijn lief vond ze trouwens nóg lekkerder met een paar uitgebakken spekjes erdoor…)